Als je in de vroege lente wil genieten van kleur, kun je ranonkels en anemonen binnen voortrekken. Deze voorjaarsfavorieten zijn sterk, dankbaar en verrassend makkelijk. Met een kleine voorbereiding geef je ze precies de voorsprong die ze nodig hebben om later buiten uit te groeien tot prachtige bloemen.
Waarom voortrekken?
Ranonkels en anemonen zijn geen snelle groeiers. Buiten duurt het vaak weken voordat ze groeien, zeker als de grond nog koud is. Door de knollen en bollen binnen voor te trekken, omzeil je die koude bodem en zie je al veel eerder groei. Eigenlijk geef je de bloemen een warme start, waardoor ze sterker worden. Het resultaat van voortrekken is een stevig blad, gezonde wortels en een langere, rijkere bloei als ze eenmaal buiten staan.

Wanneer voortrekken?
Je kunt het beste starten vanaf februari tot begin maart. Buiten is de grond dan nog te koud, maar binnen hebben de knollen en bollen precies genoeg tijd om bladeren te vormen voordat ze na de laatste nachtvorst naar buiten mogen.
Eerst laten weken
In tegenstelling tot tulpen of narcissen, zijn ranonkels en anemonen geen klassieke bollen. Ranonkels lijken op kleine gedroogde spinnetjes en anemonen zijn compacte en ruwe klompjes. Hoewel ze dus niet op elkaar lijken, is er wel een overeenkomst: de plantinstructies. Zo houden ze allebei van weken in lauwwarm water. Laat de bollen daarom 3-4 uur in lauwwarm water weken voordat je ze plant. Laat ze daarna even drogen op een vel keukenpapier.
Op de foto zie je boven droge ranonkel knol en rechts de anemone bol en onder zie je hoe ze eruitzien nadat ze zijn volgezogen met water.

Binnen voortrekken
Als je ranonkels of anemonen binnen wil voortrekken, doe je dat eigenlijk altijd in potten. Kies een pot met drainagegaten en vul die met luchtige, licht vochtige potgrond. Plant ze vervolgens ongeveer 3 cm diep. Let bij ranonkels goed om de richting: de pootjes moeten namelijk omlaag. Bij anemonen maakt deze richting niet uit. Wil je meerdere bollen planten in een pot? Ga dan uit van 3 tot 4 knollen in een pot met een diameter van 30-40 cm.

De juiste plek in huis
Zijn de potten gevuld? Dan is het nog belangrijk dat je ze op de juiste plek in huis zet. Ranonkels en anemonen houden van licht, maar niet van warmte. Een kamer tussen de 10 en 15 ˚C is perfect. Denk aan een hal, schuur of logeerkamer die niet direct door de verwarming wordt geraakt. Zet ze nooit naast een warme radiator.
Water geven: minder is meer
Ranonkels en anemonen hebben niet veel nodig. Het is belangrijk dat je de grond gelijkmatig vochtig houdt, maar nooit nat. In de eerste weken hebben ze vooral behoefte aan rust en een klein beetje water. Te veel water kan ze laten rotten, dus laat de potgrond liever licht drogen voordat je opnieuw giet.
Wanneer mogen ze naar buiten?
Zodra het blad goed is ontwikkeld en de strenge nachtvorst voorbij is, kunnen de planten rustig aan buiten wennen. Zet ze een week lang dagelijks even buiten op een beschutte plek. Daarna kun je ze uitplanten in de tuin of in potten.

Een lente vol bloemen
Met een beetje geluk verschijnen de eerste bloemen al vanaf april. Ranonkels staan bekend om hun prachtige, gelaagde bloemen die perfect zijn om te plukken. Hoe vaker je snijdt, hoe meer nieuwe knoppen de plant vormt. Ook anemonen blijven lang doorgaan zolang je de uitgebloeide bloemen weghaalt.
Aan de slag
Wil je zelf aan de slag met deze vrolijke voorjaarsbloeiers? In ons assortiment vind je een mooie collectie Italiaanse ranonkels en anemonen. Zo haal je het voorjaar alvast naar binnen en geniet je straks van een tuin vol kleur.